Groeten uit Eeserveen

Eeserveen, Eesveen? Voor je het weet rijd je de hele verkeerde kant uit. Eesveen, in Drenthe daar moesten we zijn. We wandelden er een rondje en kwamen weer van alles tegen.

 

Boswachterspad Oudemolen

Staatsbosbeheer heeft wandelingen laten bedenken door boswachters die in de verschillende gebieden werkzaam zijn. Daar mag je wat van verwachten. Wie zou immers de mooiste paden en paadjes kennen? Ik denk dat de boswachter een heel eind komt. Om dat uit te testen loop ik met mijn dochter het Boswachterspad van Oudemolen. De route is 7 kilometer lang en bewegwijzerd met houten palen met lichtblauwe koppen.
Het is een prachtige, geheel onverharde, wandeling door het fabuleuze stroomdal van de Drentsche Aa. Bos, heide en doorkijkjes naar het stroomdal waar ergens het Oudemolense Diep meandert. In hoeverre deze route afwijkt van de andere wandelingen die ik door het gebied liep, weet ik niet. Er zijn vele routes die het gebied doorkruisen, maar welke je ook kiest, het Drentsche Aa gebied is van ongekende klasse. Niet alleen de boswachter weet dat.

Meer info:  https://www.staatsbosbeheer.nl/boswachterspaden
Start van de route: Parkeerplaats Molensteeg in Oudemolen
Horeca: De Fazant, Oudemolen

Boost voor het Bargerveen

Het gebeurt niet vaak dat je met een georganiseerde wandeling (Wandelsite) mee gaat, waarbij slechts twee deelnemers en een organisator aanwezig zijn. En het gebeurt al helemaal niet vaak dat er meer mannen mee lopen dan vrouwen. Het Bargerveen lijkt voor velen niet voor de hand liggend om te bewandelen. Toch is het een heel bijzonder gebied; het laatste restant hoogveen van omvang in Nederland. Tot 1992 werd er veen afgegraven, daarna kwam het volledig in handen van Staatsbosbeheer dat al gedeelten in bezit had. De laatste jaren werd er veel geïnvesteerd in het gebied. Reden genoeg om er weer eens te gaan kijken.

In Weiteveen treffen wij elkaar en lopen naar het fonkelnieuwe restaurant, naast de fonkelnieuwe schaapskooi van Staatsbosbeheer. Bij Wollegras is nog niet officieel geopend, maar je kunt er al een lekker kopje koffie drinken, lunchen en op het dak genieten van het uitzicht. Op 27 september zal koning Willem-Alexander, in eigen persoon, naar Weiteveen komen om de schaapskooi officieel te openen. De ingebruikname van de schaapskooi is de afronding van jarenlange beschermings- en herstelwerkzaamheden in het natuurgebied. Tip voor Alex: begin met koffie bij Bij Wollegras.

Met organisator Ton en met Freek, die ik lang geleden vaak trof bij wandeldingen loop ik vandaag in een flink opgewarmd en opgedroogd Bargerveen. Waar je normaalgesproken tussen het water loopt, zijn de veenplassen volledig opgedroogd en het veenmos is zo dor dat het op verschillende plekken is losgekomen van de bodem. Ik heb er geen verstand van, maar het ziet er behoorlijk dramatisch uit. Het Bargerveen oogt desolater dan ooit.
We trekken lange lijnen door het landschap en maken een praatje met de schaapherder. Hij loopt van waterplas naar waterplas om zijn hond te laten drinken en afkoelen. Voor de schapen hoeft dat niet, die tanken zichzelf ’s morgens vol en redden het dan wel tot de avond; stelletje wandelende camelbags.
Het Huisje van Uneken, het laatste boerderijtje in het veen, is er helaas niet meer. De familie Uneken woonde hier tot 1966, toen alle andere bewoners al waren weggetrokken. Mei jl. ging het huisje in vlammen op. Dat nieuws had ik even gemist in mijn Dagblad Van Het Noorden.

Pauze is er bij theetuin d’ Aole Pastorie in Zwartemeer. Een mooie plek voor een stop. We zijn dan zo ongeveer halverwege de wandeling. Na de pauze begeven we ons in een soort niemandsland en komen we niet veel mensen tegen. Ronduit sprookjesachtig is het landschap her en der maar soms zijn de paden zo onafzienbaar lang, dat de moed me in de schoenen zakt en er niets anders op zit dan dat ik mijn verstand op nul en mijn blik op oneindig zet. Je bent er pas, als je er bent.

Ik heb met Freek een jaar of tien bijgepraat en de levenslust van Ton werkte aanstekelijk. Vandaag geen eindeloos gekwebbel of wachten op de achterblijvers. Gewoon gedrieën door de natuur. Hoe mooi kan het zijn.

 

Rondje met mijn hondje (2)

Mijn hond houdt van wandelen; misschien nog wel meer dan ik. En alle rondjes in de buurt tussen 4 en 10 kilometer kennen we al, maar toch vervelen ze nooit. Loop even mee.

Rondje: ’t Ende, Reestdal

Startplek: Informatiecentrum Drents Landschap, Boerderij ’t Ende aan de Stapelerweg

Lengte: Eigenlijk 6 kilometer; de wandeling bestaat uit 2 rondjes, waarvan een door het bos aan de overkant van de Stapelerweg. Mijn hondje durfde niet langs de koeien en wat we ook probeerden, hij ging er niet langs en de koeien waren ook niet van plan hem er langs te laten. Ik beperkte mij tot het rondje achter ’t Ende en dat is verreweg het mooist.

Indruk: mooie afwisselende wandeling door cultuurlandschap. Stukje bos, weiland en stroomdal.

Wie of wat kwam ik tegen: een kudde jonge koeien en een groepje wandelaars die aan de wandeling begonnen, toen ik al klaar was.

Rondje met mijn hondje (1)

Mijn hond houdt van wandelen; misschien nog wel meer dan ik. En alle rondjes in de buurt tussen 4 en 10 kilometer kennen we al, maar toch vervelen ze nooit. Loop even mee.

Route: IJsroute, Havelte (blauwe markering)

Startplek: Poort Holtingerveld, Van Helomaweg, Havelte

Lengte: 5 kilometer

Indruk: Fijn rondje, bos, heide, vergezichten, hunebedden en zandverstuiving

Wie of wat kwam ik tegen: de schaapherders met hun kudde, ouders met spelende kinderen bij het grote hunebed, een aantal wandelaars op afstand, een paar mensen die hun hond uitlieten, mensen die gebruik maakten van de parkeerplaats Poort Holtingerveld (fietsers, etc.)

Loop Langs de Hunebedden (13)

Valthe – Emmen

“Retteketet naar hunebed!
Wat een heerlijke voorjaarsdag. Ik zie een beetje op tegen de etappe van vandaag. Ik heb op de kaart gezien dat we door de bebouwde kom van Emmen lopen en daar vind ik het vandaag nu juist geen weer voor.  Maar goed als je alle hunebedden wilt zien dan moet je er iets voor over hebben.
Valthe laten we achter ons en we hebben al snel onze eerste twee hunebedden te pakken. Twee mooie exemplaren, prachtig gelegen. Iets verderop, na het onderduikershol, doemt de D35 op aan de rand van een heideveld.
Er volgt een lang stuk door het Valtherbos. Ik vraag het maar even aan een man met hond. “Ligt hier een hunebed?” Hij zegt van wel. In het boekje staan wonderlijke aanwijzingen: “ga op de 5-sprong, het tweede pad rechts”, maar dat is gewoon rechtdoor. Net als ik denk dat we verkeerd zijn gelopen, blijkt het toch te kloppen.  Een prachtig drietal ligt hier op een heideveld .  Je kunt er heerlijk tegenaan leunen. We draaien onze bleke neuzen naar de voorjaarszon.
Er komt een scooter aanrijden. Hij wordt geparkeerd naast het hunebed, waar we zicht op hebben. Een jongen en een meisje klimmen erop en roken een sigaretje. Twee wandelende dames naderen van de andere kant. Ik zie ze denken: “potverdorrie, alle hunebedden bezet.” Maar niet getreurd, er staat nog een derde.

Het Valtherbos gaat geruisloos over in de Emmerdennen. In de wijk Angelslo liggen de D46 en D47 zomaar middenin een woonwijk. Regelmatig zijn ze slachtoffer van vandalisme. Er waren plannen om er zand overheen te doen, maar gelukkig staan ze nog uitgebreid te pronken. Vervreemdend, maar zo Drents.  Ook dit is Drenthe!
Vlak voor het eindpunt van vandaag, het station van Emmen, ligt in het bos een erg mooi exemplaar. We houden even halt, voordat we bij Café Groothuis aan de borrel gaan. En dan ………..  is Gerda haar telefoon kwijt.

De rustige nazit schiet er een beetje bij in. Wat nu? Ik loop terug naar het hunebed en kijk onderweg of ik het toestel zie. Niks van dat alles. We zoeken gezamenlijk nog bij het hunebed, maar vinden niks. Gerda schrijft haar toestel af en we keren allen huiswaarts.
Nog die middag is er een mailtje van Gerda. Ze heeft haar telefoon terug.
Iemand had hem gevonden en een willekeurig telefoonnummer in haar telefoon gebeld. Het bleek een vriendin te zijn die op dat moment op een terras in Emmen zat.  De man heeft de telefoon bij de vriendin gebracht en vervolgens bracht de vriendin hem naar Gerda. De wonderen zijn de wereld nog niet uit en Emmen kan wat ons betreft niet meer stuk.

Beeldschoon, afwisselend en vrijwel onverhard; het kan!

Er zijn mensen die zich er gemakkelijk van af maken, maar er zijn ook mensen die grondig te werk gaan. Persoonlijk behoor ik tot de eerste categorie, waar het wandelroutes uitzetten betreft. Route in huis halen, niet voorlopen, aanbieden en we zien wel waar het schip strandt. In het ergste geval moet je een beroep doen op iemand met GPS. Mensen die behoren tot de andere categorie, doen er twee jaar over om een route uit te zetten, te checken, voor te lopen, nog eens te bekijken en nog mooiere alternatieven te zoeken. Degene met wie ik vandaag meeloop behoort tot deze categorie. En het wordt me wel duidelijk, alleen dan krijg je de wandeling van je dromen.

We lopen vandaag in de driehoek Rolde, Ekehaar, Deurze. Verzamelplek is Hofsteege in Rolde. En waar sta ik? Bij Hofsteenge in Grolloo. Geen wandelaar te bekennen. Gelukkig ligt Grolloo niet ver van Rolde en ben ik nog op tijd voor een kop koffie. Om half 11 gaan we op pad. 6 dames, de organisator en een hondje, Bobby. Een geweldig leuk hondje, dat zich voorbeeldig gedraagt.
De route is afwisselend en bestaat uit bos, heide, het stroomdallandschap tussen Amen en Ekehaar en veel zandpaden; een klein beetje cultuur en een heleboel natuur. De verharde weg wordt slechts een enkele keer overgestoken of een klein stukje gevolgd.  Op het terras van Popken genieten we van het heerlijke voorjaarsweer.
Al keuvelend lopen we via Deurze terug naar Rolde. Wat een geweldig mooie wandeldag!

 

Genieten van de winter, die geen winter is

Nu het vakantie is, lijkt het me goed om in twee luie feestweken een paar stevige wandelingen in te lassen. Records worden gebroken waar het de temperatuur betreft. Het is ruim boven de 10 graden! Prachtig wandelweer, maar de winter moeten we er zelf bij denken.

Ik liep al eens een halve Knapzakroute Oosterhesselen – Zweeloo maar vandaag doe ik hem helemaal. Achttien kilometer over boerenland, door dorpen en over zandpaden met een 7-tal wandelaars in mijn kielzog.
De Gasterij in Oosterhesselen is een prima start- en eindpunt voor een wandeling. Tegenover de kerk met losse toren zit je prima en stemmig tussen de kerstversiering.

De wandeling gaat eerst richting Oud-Aalden. Oud-Aalden is een mooi, typisch Drents, esdorp en tevens beschermd dorpsgezicht. Zweeloo ligt op steenworp afstand. Daar kijken we even de rond in de smederij van Masselink. Een smeulend vuur en een smid die het druk heeft; een man van weinig woorden met een sigaretje bungelend in zijn mondhoek. Allerhande historisch beslag ligt in doosjes te wachten tot het wordt opgehaald. Je stapt honderd jaar terug in de tijd.
De romaanse dorpskerk van Zweeloo, een stukje verderop, werd in de tweede helft van de dertiende eeuw gebouwd. Het is één van de oudste Drentse kerken. Opvallend is het torentje dat gemaakt is van houten plankjes. Vincent van Gogh, tekende het kerkje in 1883.

Via natuurgebied de Stroeten, bereiken we Benneveld, waar een van de medewandelaars in eigen huis heeft gezorgd voor koffie met zelfgebakken koek. Wat een tref en wat fijn dat ze dit voor ons doet.
Na de lunchpauze wacht ons nog het Klenckerveld, een heideveld dat in bezit is van Natuurmonumenten en waar schapen grazen. Het is dan nog maar een klein stukje naar Oosterhesselen, waar de Gasterij ons wederom gastvrij ontvangt.

Wandelen in de zunneschien; Veenhuizen op vrijdag

Tinie Veenstra heeft al sinds 1991 haar koffie- en theetuin Zunneschien in Veenhuizen. Zij kan veel vertellen over hoe het gevangenisdorp zich heeft ontwikkeld tot wat het nu is. Vanwege het 25-jarig bestaan mogen we bajesthee of bloemenzaadjes meenemen. Het is zo’n fijne plek om je wandeling te beginnen. Tiny heeft zoveel plezier in het runnen van de theetuin en de galerie van hobbyisten. En wat zo fijn is, er is koffie of thee, met zelfgebakken cake. Meer valt er niet te kiezen en dat is heerlijk in een wereld waar je voortdurend keuzes moet maken. Ga er vooral eens heen als je in Veenhuizen bent.

Een goed begin is het halve werk. Na dagen van hoosregens is het een verademing om weer eens zonder paraplu op pad te kunnen. Vanaf Zunneschien lopen we over de binnenplaats van het gevangenismuseum naar de Hoofdweg, waar we een bezoek brengen aan brouwerij Maallust; een succesverhaal. De bieren worden momenteel op 400 plekken in Nederland verkocht. Het is een bijzonder dorp dat Veenhuizen. Het was volledig zelfvoorzienend; een brouwerij, twee kerken, een verenigingsgebouw, sportvelden, tuinen en een zwembad. Een gesloten gemeenschap, waar je alleen in kwam als je aangemeld was als bezoeker.

Tussen 1818 en 1824 kocht de Maatschappij van Weldadigheid meer dan 2500 hectare in een gebied dat “Hollands Siberië” werd genoemd. Generaal van de Bosch, die net was teruggekeerd uit Indië en daar goed geboerd had, meende er de plek bij uitstek te hebben gevonden om de sociaal zwakkeren uit de samenleving een nieuwe kans te geven in Drenthe. Vanuit Amsterdam, gingen de landlopers en bedelaars, over de Zuiderzee naar de Kolonievaart in Veenhuizen, waar ze van boord gingen. Het werd niet echt een succes. Tucht en hard werken brachten niet wat Johannes van de Bosch zich had voorgesteld. Mensen kwamen niet meer weg uit Veenhuizen. In 1859 nam de Staat der Nederlanden de failliete boedel van de Maatschappij over en werden de gestichten omgevormd tot gevangenissen.

Soms ben je tijdens de wandeling even wat verder verwijderd van de gevangenissen. Tot er dan ineens weer gevaarlijke hekken en ongezellige gebouwen opdoemen. Het is niet alleen een groot openluchtmuseum, er worden nog altijd gedetineerden geplaatst. Misschien maakt dat deze omgeving ook wel zo interessant. De geschiedenis is nog heel dichtbij.
Ook de begraafplaats van Veenhuizen, bekend onder de naam, het Vierde Gesticht, is een bijzondere plek. Er liggen graven van overleden ambtenaren en hun familie. Achterop de begraafplaats staan in het gras honderden kruisen en paaltjes met letters NH of RK en een rijnummer. Ze zijn van de Nederlands-hervormde resp. rooms-katholieke verpleegden, zoals de landlopers en bedelaars genoemd werden. De doden van voor 1875 kregen niet eens een eigen graf. Zij kwamen in massagraven.  Klik hier voor interessante informatie over de begraafplaats van Veenhuizen.
De Knapzakroute Veenhuizen, die vandaag dient als leidraad voor mijn wandeling, blijft een afwisselende route, voor mensen die houden van een combi van natuur en cultuur en geschiedenis. En hoewel ik in Veenhuizen werk, blijf ik de omgeving prachtig en het verhaal van Veenhuizen boeiend vinden. Met de leuke groep wandelaars die ik vandaag meeneem beleef ik een topdag in het “Pauperparadijs”.

Wat te doen bij kwaaie koeien?

Wat wandel ik weinig tegenwoordig en wat vind ik dat eigenlijk jammer. Het komt er niet van. De tijd is gevuld met andere zaken. Reden te meer dus om in de vakantie eens lekker aan de wandel te gaan. Vandaag wordt het Gees. Een mooie wandeling, van een kilometer of 14, van De Mooiste Routes. Ik loop met Tineke en Piet Poortman en met een gezellige club wandelaars van diverse pluimage. De omgeving van Gees is afwisselend, de mooie Geeserstroom, onverharde wegen, bos en het dorp zelf mag er ook zijn. Vandaag is het een extra kleurige ontvangst. Vanwege het dorpsfeest zijn de straten versierd en is er een boel reuring in het dorp.
Onze route wordt iets anders dan gepland. Het veld dat we willen oversteken wordt bevolkt door een grote kudde Schotse hooglanders en wij stellen ons leven niet in de waagschaal. Dat deden we namelijk eerder tijdens de wandeling al. Met een grote boog lopen we om een groep hooglanders, die ons nauwlettend in de gaten houdt en waarvan een koe ons nogal intimiderend tegemoet treedt. Ik vraag mij af of het verstandig zou zijn, in geval van nood, in een boom te klimmen. Het is niet nodig, maar tijdens het ijs eten op het mooie terras van ijssalon Talenti in Gees kunnen we daar nog mooi even over fantaseren. Sommige mensen, waaronder ik, denken in beelden.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

De kunst van een fijne dag

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Het grensriviertje tussen Overijssel en Drenthe heeft nooit te lijden gehad van kanalisering, want altijd was het de buurman die zei: ho, ho, dat gaat zomaar niet. En dus bleef De Reest zoals hij was, een meanderende rivier. Wij bewegen ons vandaag van Overijssel naar Drenthe en weer terug. We wandelen niet alleen maar bezoeken ook de kunstobjecten die op verschillende plekken te zien zijn. In een tuin van een huis bijvoorbeeld, in het bos, het dorpshuis, in een hoekje van de bibliotheek of in de kerk. Onder de noemer Grensloos Kunst Verkennen, wordt dit kunstevenement al voor de zevende keer georganiseerd. Zoals altijd is het ook nu weer één grote verrassing. Op 25 locaties valt zeer uiteenlopende kunst te bewonderen. Tineke Poortman, met wie we vandaag meelopen, is een kenner als het gaat om het Reestdal. Met ons vieren vormen we een prettig gezelschap. Mooie ontmoetingen, fijne gesprekken. Dat is echt niet altijd vanzelfsprekend als je met “vreemde” mensen aan de wandel gaat. Maar wij hebben een heerlijke dag, waarin we steeds de tijd krijgen om stil te staan bij de dingen die we tegenkomen. Een dikke boom, een echte uil, goudrenetten bij iemand die ook kunst in de tuin heeft en pastinaken die onderweg te koop aangeboden worden. Er valt zoveel te genieten.

In de zuid-oosthoek van Drenthe (13)

Ik liep zomaar een etappe achter met het Drenthepad. Voordat er van Gees naar Bruntinge kan worden gelopen, wil ik eerst van Emmen naar Gees. Ik loop niet alleen. Er zijn er meer die deze etappe hebben gemist. En zo gaan we onder een dik wolkendek op pad in de richting van Oosterhesselen.
In Diphoorn vinden we een mooi bankje voor een koffiestop. Uit de tas van Heijo komt niet alleen koffie maar zelfs appeltaart. Vraag me niet hoe de man het voor elkaar krijgt, maar het kan.

Langzaamaan begint het wat te druppelen. Tegen de tijd dat we bij Havezathe de Klencke zijn, komt de regen met bakken uit de lucht. De lunchpauze hebben we onder een afdakje in het bos. Dat heeft wel wat.

De route van Emmen naar Gees gaat grotendeels over verharde wegen. Soms is er een pad door een stukje bos of door een houtwal. Oosterhesselen is al van veraf herkenbaar aan zijn beeldbepalende kerktoren. Het verderopgelegen Gees is een mooi dorp met veel oude boerderijen en  met een hele fijne ijssalon. Ik krijg vandaag niet alleen appeltaart, maar ook nog eens een lekker ijsje. En zie ….. de zon gaat weer schijnen.

Het gezelschap is aanzienlijk groter tijdens de etappe van Gees naar Bruntinge. De pas wordt er direct stevig in gezet. Horeca is er vandaag niet onderweg. Dat hoeft ook niet want niets is fijner dan lekker in de vrije natuur je brood opeten en koffie drinken.
De route Gees – Bruntinge, is afwisselend. We gaan over verharde en onverharde paden, door bos en langs bosranden en over het Mantingerzand. Een zandverstuiving met erg oude jeneverbessen. Kortom, we schrijven wederom een mooie Drentse wandeldag bij.

Nedersaksen op het Drenthepad (11)

De vorige etappe van het Drenthepad waren we geëindigd bij het Hunebedcentrum in Borger en daar beginnen we vandaag. Het is er uitgestorven, de deuren nog stijf dicht. Geen koffie dus. Het miezert een beetje, maar veel stelt het niet voor. We verlaten Borger en gaan richting Het Buinerveld, waarin een aantal gletscherkuilen schuilgaat. Overblijfselen van de één na laatste ijstijd, waarin deze kuilen waarschijnlijk nog lang gevuld bleven met ijs.
Al snel gaat het gesprek over het Nedersaksisch. Het grootste deel van het gezelschap bestaat uit Groningers en Drenthen. De een is meer met het Nedersaksisch opgegroeid dan de ander. Voor velen was het geen taal waar je trots op was maar waartoe je veroordeeld was. Iedereen kon aan je horen waar je vandaan kwam en velen schaamden zich daarvoor. Als je echt iets wilde voorstellen, dan sprak je Nederlands en geen Nedersaksisch. Wat jammer en wie heeft dat eigenlijk bedacht? Taal is cultuur en cultuur moet je koesteren. Ik verzoek dan ook een ieder in mijn nabijheid zoveel mogelijk Nedersaksisch te praten. Als ik het niet begrijp, vraag ik wel om een vertaling.

Door het bos gaan we naar Exloo. Bij de bakker is er koffie en gebak natuurlijk. En passant ontfutsel ik de bediening nog het adres van de leverancier van de picknickbanken. Zo’n bank zie ik wel bij ons voor de deur staan.
Even voorbij Exloo lopen we het Molenveld op. Sporen van de bosbrand van twee jaar geleden zijn er nauwelijks meer. Fantastisch hoe de natuur zich voortdurend herstelt. De natuur laat zich minder snel iets afnemen dan wij mensen. Nedersaksen neem er een voorbeeld aan.

De loop van de Drentsche Aa (1)

Na de boekjes met wandelingen langs de Reest en het Oude Diep is dit de derde lange-afstandswandeling van Stichting Het Drentse Landschap. De Drentse Aa is van de drie beken waarschijnlijk de bekendste. De route is 150 kilometer, verdeeld in 10 etappes en verbindt Assen en Groningen. Het is mijn bedoeling de wandeling door de seizoenen heen te lopen. En vandaag staat de eerste etappe op het programma. Winters kun je de omstandigheden niet noemen. Er ligt geen ijs en de temperaturen zijn veel te hoog voor het jaargetijde. Maar het is droog en zo na de kerstdagen is het heerlijk om wat frisse lucht op te snuiven en in beweging te komen.
De loop van de Drentsche Aa begint in Assen, bij het station. Bij Hotel de Jonge luisteren we onder de koffie naar de top 2000. Het hoort zo bij deze tijd van het jaar. Nog even het volgende liedje afwachten en dan gaan we.


Vanuit het centrum van Assen loop je zo het Asserbos in. In het Asserbos kronkelt de oude Bosbeek, een restant van een beekje door het veen. We gaan langs de Joodse begraafplaats en lopen een klein stukje langs het Anreperdiep. De Aa neemt  bij ieder dorp de naam aan van dat dorp. In Anreep heet de Drentse Aa dus Anreperdiep. Veel meer van de Aa zien we niet vandaag. We lopen langs Eldersloo en Geelbroek, met mooie boerderijen. Via het Groote Zand, een uitgestrekt heidegebied,  bereiken we het terrein van voormalig kamp Westerbork, waar we eerder vandaag de auto’s parkeerden.


De route gaat over zandpaden en soms een stukje over het fietspad of over een rustig weggetje. De routebeschrijving is prima te volgen en niet verwarrend. Kortom, ik heb zin in het vervolg.

(Ont)spanning en structuur

Langs de slot
Vandaag loop ik met Herman mee in het dal van de Reest. Op een heerlijk ontspannen tempo bewegen we ons door het cultuurlandschap, dat de grens vormt tussen Overijssel en Drenthe. Een praatje hier, een stopje daar. Even kijken in de potstal van Stichting Het Drents Lanschap en genieten van het uitzicht vanaf de uitkijkheuvel. Een en al afwisseling.

Herman, die boer is en daarnaast een camping runt, loodst ons dwars door de weilanden voor een lunchstop op zijn terras. Hij laat ons de stal zien, die twee weken geleden nog vol stond met melkkoeien. Herman is gestopt met de melkkoeien en heeft alleen nog wat jongvee. Melken brengt structuur in je leven en een gezonde spanning, begrijp ik van hem. De spanning zit hem vooral in “hoe houd ik de veestapel gezond?”. De structuur wordt bepaald door de twee vaste momenten waarop gemolken wordt. Een ideaal programma voor moeilijk opvoedbare jongeren, lijkt me zo. Structuur en spanning. Het eerste is wat ze nodig hebben, het tweede is wat ze willen.
Erf
Na de stop gaan we verder naar Oud-Avereest. In bezoekerscentrum de Wheem, drinken we thee. In Balkbrug volgt dan nog een rondje langs, wat over is van, de Ommerschans.  De Ommerschans werd omstreeks 1625 gebouwd op kosten van Groningen en Friesland om de weg, die door het ontoegankelijke veen van Ommen naar Zuidwolde liep, te verdedigen tegen de Spaanse troepen. Het terrein van de Ommerschans werd in 1819 in bruikleen gegeven aan de Maatschappij van Weldadigheid, die er een bedelaarskolonie stichtte. Momenteel is op het terrein de TBS-kliniek Veldzicht gevestigd.

Klokslag half 5 zijn we terug waar we de wandeling begonnen. Herman drinkt nog wat, hij heeft geen haast. Het went, vast.
Kind

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑