Zwerven door de Koloniën van Weldadigheid

Ik ben vandaag op pad met mijn hondje. Dat is altijd een feest. Vandaag lopen we, tenminste ik loop en hij rent, de Trage Tocht Frederiksoord. Het is een wandeling van 13 kilometer. Vanuit het koloniedorp, met de prachtige gebouwen, loop ik door het Sterrebos, steek de doorgaande weg over en kom ik op onbekend terrein; het gebied tussen Frederiksoord en Wapse. Het is er uitgestorven. Verderop wacht een landschappelijke verrassing: het Nijensleekerveld. Over het veld lopen geen wandelpaden, dus loop ik langs de rand van het gebied. Het is net alsof je vanaf een afstandje het desolate Drenthe van honderden jaren terug aanschouwt.
Via Wilhelminaoord loop ik terug naar Frederiksoord, langs een weg waar men in de stijl van de Maatschappij van Weldadigheid, nieuwe vervenershuisjes heeft gebouwd. Je zou het aan de paupers van weleer moeten vragen, wat zij daar nou van vinden.
Door het Sterrebos bereik ik Frederiksoord. De hond is uitgerend.

Trage Tocht De Wijk

De omgeving van De Wijk ken ik vrij goed. Ik woon op steenworpafstand. Toch pak ik de routebeschrijving erbij. Soms ontdek je toch ineens een paadje dat je niet kende.

Om half 10 ga ik met de hond op pad in het ontwakende De Wijk. Spoedig loop ik langs de oevers van de grensrivier, De Reest. Superlatieven schieten te kort. Wat is het mooi hier vandaag. Het landschap lijkt alle warmte van de voorbije zomer te hebben opgezogen en explodeert in rood en geel. Ik kruip door een droge sloot, want het bruggetje en de witte hekken zoals genoemd in de routebeschrijving blijken te zijn verdwenen. “Nog geen twee weken geleden” vertrouwen buurtbewoners mij toe. “We zijn er niet blij mee, want je kon zo’n prachtig rondje met de hond doen.” “Ik heb het Drents landschap en Dorpsbelangen al aangeschreven” vertrouwt de man mij toe.
Even verderop ligt het landgoed Dickninge, met een monumentale havezate, gerestaureerd tuindershuis en een boerderij.  Ik loop naar het pittoreske tolhuis, dat momenteel wordt gerestaureerd om vervolgens via een onverharde weg en over een fietspad naar de Havixhorst te lopen. De Havixhorst is nog zo’n juweeltje. Deze havezate is vanaf de 17e eeuw tot 1939 bewoond door de adellijke familie De Vos van Steenwijk. Daarna heeft het vele wisselende, tijdelijke bestemmingen gehad. In 1979 is begonnen met de restauratie, waarna het in 1982 als Châteauhotel en -restaurant in gebruik is genomen. Inmiddels is De Havixhorst eigendom van Stichting Het Drentse Landschap. In de tuin zijn doorlopende beeldenexposities. Zeer de moeite waard.

Trage Tocht Ootmarsum

De Trage Tocht Ootmarsum (13 kilometer) start bij een interessante plek: de Kuiperberg. Je vindt hier een parkeerplaats bij een prachtig uitzichtpunt, een Joods kerkhof en de kortste watertoren van Nederland, allemaal bij elkaar.
Deze heerlijke wandeling lopen we op een warme dag in oktober. Alleen de kleur van de bladeren past bij de herfst, maar het voelt als zomer. Over brede zandwegen, langs glooiende akkers en Twentse erven voert de route. Beeldschoon is de Hazelbekke en sprookjesachtig het Springendal. In Ootmarsum zijn de terrassen overvol. Wij lopen door naar de Kuiperberg, waar we pauzeren op een bankje en genieten van het panoramisch uitzicht. Zo simpel kan het zijn.

 

Trage Tocht Vasse

Van een stralende zomer rollen we in een stralende nazomer. En vooral zo’n nazomer nodigt uit tot wandelen. We pakken onze spullen en rijden vandaag naar Twente. Het blijft een favoriete bestemming; het niet te evenaren coulisselandschap van Twente. Vasse is een gezellig Twents dorp met veel reuring. We lopen het dorp uit en missen een van de eerste aanwijzingen (het is altijd even wennen aan het opletten) en hebben gelijk al een alternatief stukje te pakken. De kaart is duidelijk en we zien waar we de mist in zijn gegaan, maar we gaan niet terug. Een beetje mokkend, want ik loop graag een wandeling zoals hij bedoeld is, lopen we een bosrijk gebied in met heideveld. In de verte zien we de kudde. We passeren het Vasser grafveld en een aantal grafheuvels. Over de Tutenberg gaat de route, richting de molen van Bels, waarin horeca gevestigd is. Het is een prachtige locatie en we lunchen in de prachtige tuin. De route gaat verder over zandwegen door de velden, waarin koeien loom hun gras herkauwen.

Aan de Duitse grens liggen de Mandercirkels. De cirkelvormige akkers zijn in de jaren dertig van de 20e eeuw op de heide van de voormalige marke Mander aangelegd in opdracht van Gerhard Jannink, textielfabrikant en grootgrondbezitter uit Enschede. Hij had in Noord-Amerika gezien dat ronde akkers voordelen hadden boven rechthoekige. De velden konden vanuit het midden in een spiraalvormige gang worden bewerkt zodat de machines niet behoefden te keren. Er werd afwisselend rogge, haver en aardappels verbouwd. Na 1975 werd mais het belangrijkste gewas. Toen ook dat niet meer loonde zijn de gronden van Jannink in 1991 verkocht aan Landschap Overijssel.
Je moet echt goed kijken om de cirkels te herkennen. De natuur probeert ze overduidelijk over te nemen. Uitgestorven is het hier, slechts een enkele wandelaar lopen we tegen het lijf. We gaan richting Vasse en hebben mooi zicht op het dorp. Het is dan nog maar een klein stukje naar het centrum.

Trage Tocht Baarn

Met vrienden spreken we af ergens tussen zuidwest Drenthe en Den Haag. Ik ben tot de ontdekking gekomen dat Baarn net zo ver van  onze woonplaats ligt als  van die van onze vrienden. Dus daar gaan we wandelen. Koffie bij de Generaal, dat is een goed begin. Ik ken de mooie uitspanning van het Utrechtpad, dat ik een aantal jaar geleden liep. Je zit daar fijn en vele wandelaars zijn dezelfde mening toegedaan, want het is een grote verzameling rugzakken en grote schoenen daar.

Door al ons gekeuvel zouden we haast vergeten waar we voor komen; wandelen. De  tocht is, zoals alle Trage Tochten, gedetailleerd beschreven. We lopen door een parkachtige omgeving met waterpartijen en lange beukenlanen. Onze tocht voert langs een droge beek en door een berceau van haagbeuken. We gaan over heideveld, De Stulp, en er volgen meer beukenlanen. De omgeving van Maarn is een landschap met allure. Halverwege de tocht is er een prima plek om te lunchen. “Buiten in de Kuil” serveert gezonde, verse heerlijkheden. Het is gezellig druk op het terras en we nemen het ervan.  Er volgen zand- en bospaden en dan komen we in het park dat hoort bij kasteel Groeneveld. Over allure gesproken!
Het laatste stuk van de route gaat door Baarn, over een verrassend pad langs het spoor. Al babbelend staan we ineens weer bij het station. Bij de Generaal sluiten we de dag af met een koud biertje en keren huiswaarts. 103 kilometer naar Den Haag of 113 kilometer naar het noorden.

Renkum; een B&B en een Trage Tocht

Na onze wandeling in Oosterbeek, overnachten we in Renkum in B& B “Onder de Bomen”, gelegen aan de rand van het Renkums Beekdal. Een mooie blokhut achterin de tuin van de gastheer, omgeven door hoge bomen, is even ons onderkomen. De blokhut is gezellig en creatief ingericht en heeft een fijne veranda. En die laatste komt erg goed van pas, want ’s avonds hoost het, maar zitten wij buiten en toch lekker droog. De B&B heeft als voordeel dat je er zelf ook een maaltijd kunt bereiden, er is een klein kooktoestel en een magnetron. Het ontbreekt je daar echt aan niets en ook op het ontbijt valt niks aan te merken. Onthouden, die B&B! Je kunt “Onder de Bomen” vinden op http://www.bedandbreakfast.nl

De Trage Tocht Renkum loopt langs de B&B, dus wij laten de auto staan en vertrekken richting Oranje Nassau’s Oord, ooit de residentie van Koningin Emma, momenteel in gebruik als verpleeghuis. We stappen door naar Nol in ’t Bosch, waar we een kop koffie drinken. We bezoeken het arboretum Oostereng en verbazen ons over de majestueuze beuk; maar liefst zeven beuken zijn hier met elkaar vergroeid.  Over glooiende bospaden en door oude bossen bereiken we het Renkums beekdal. Sappige weiden met paarden en koeien, een kabbelende beek,  hier en daar een boerderij; beeldschoon, verstild  landschap. Uitgerekend deze zomer, waarin aangekondigd werd dat bramen plukken strafbaar is, zijn de bramen malser en sappiger dan ooit.  U snapt, burgerlijke ongehoorzaamheid is ook ons niet vreemd.
Via de Renkumse heide, alwaar geen heide te vinden is, bereiken we een asfaltweg die we oversteken om vervolgens op een klompenpad onze wandeling te vervolgen. Daar praat een man op een scooter ons bij. Hij komt hier regelmatig om een vos te spotten en te fotograferen en er lopen ook reeën.  Wij  zien ze niet.
We lopen naar Heelsum en passeren een uitnodigend volkstuincomplex. Het staat er vol met bloemen, dahlia’s, afrikaantjes en er groeien mega-pompoenen. Het is een oase van groen en kleur. Ook de kerk op de heuvel is een prachtige plek. Na zoveel moois zou je denken dat nu het eind van de wandeling wel in zicht komt. Niets is minder waar. Er volgt een stuk met uitzicht op de Rijn en vlak voor Renkum doorkruisen we de uiterwaarden. Wat een prachtige wandeling!

Boschveld en Mariëndaal, puzzelen maar

We zijn twee dagen op pad rond de Veluwezoom. Wandelschoenen, hond en wandelroutes mee. Het weer is wat wisselvallig. We rijden naar het beginpunt van de wandeling, de Airborne begraafplaats in Oosterbeek en kunnen daar kiezen uit een lange en een korte variant. We nemen de korte van 7,1 kilometer. Of dat zo’n goed idee was? Het was in ieder geval niet nodig geweest, want het bleef prima wandelweer.

De wandeling had ik van internet geplukt en nadat ik hem had uitgeprint had ik eigenlijk al argwaan moeten hebben. Voor deze korte wandeling rolden nota bene 9 A4’tjes met beschrijving uit de printer. Maar goed, eens gekozen blijft gekozen en we gaan hoopvol op stap.

Vanaf de Airborne begraafplaats in Oosterbeek moeten we richting het spoor (dat we niet zien liggen). Er volgt een stroom van ingewikkelde aanwijzingen: neem het pad in oostelijke richting (iemand een kompas?), kies het pad dat evenwijdig aan de hoogtelijnen in oostelijke richting het bos ingaat (heeft iemand een stafkaart?), loop door tot je aan beide kanten naar beneden kunt kijken (huh), loop naar de sprengkop van de beek (hoe ziet dat eruit dan?), loop een stukje verder en kijk achterom (oké), neem het pad in westelijke richting, met de boerderij in de rug. (dat is dus gewoon de weg volgen, waar we al op staan). Zo gaat het maar door. Het is een puzzeltocht van jewelste en we zijn steeds veel tijd kwijt met het vinden van het juiste pad.
Al met al is het een hele mooie wandeling. We doorkruisen landgoed Boschveld en maken een ronde over het glooiende landgoed Mariëndaal, met zijn Groene Bedstee (een sprookjesachtige berceau van 400 meter lang) en landhuis Mariëndaal. We eten onze boterhammen bij een van de vele picknickbanken en zijn er getuige van dat een hond (nee, niet die van ons) er met een van onze boterhammen vandoor gaat. We lopen langs akkers en door houtwallen en passeren eeuwenoude bomen om te te eindigen waar we begonnen, de indrukwekkende Airborne begraafplaats.

Trage Tocht Vechten

Amelisweerd, Rhijnauwen en Kromme Rijn

Wij hebben een zoon die in Utrecht woont en zo klein behuisd is, dat het beter is om met elkaar af te spreken in de buitenruimte. Bunnik, daar treffen we elkaar bij de parkeerplaats aan het begin van de oprijlaan van Oud Amelisweerd. Het terras lonkt, maar we gaan eerst aan de wandel.  Het jaagpad langs de Kromme Rijn bewandelde ik eerder als onderdeel van het Utrechtpad. Ook nu ben ik blij verrast door zoveel groen in een stedelijke omgeving. We lopen nog een stuk aan de andere kant van de Kromme Rijn en begeven ons dan in een 100% Hollands landschap van knotwilgen,  weilanden, wilgenroosjes en koeien, met de hoogbouw van De Uithof op de achtergrond.
Verderop voert een wandelpad langs de wallen van Fort Rhijnauwen. Dit fort is het grootste vestingwerk van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Het totale gebied is circa 31 hectare groot. Samen met Fort bij Vechten, waar we later vandaag langskomen,  moest het één van de zwakste punten in de linie verdedigen, een brede strook grond aan weerszijden van de Kromme Rijn die niet onder water kon worden gezet. Daarnaast kon vanaf dit punt de strategische spoorlijn Utrecht-Arnhem onder vuur worden genomen. Het fort  is gebouwd tussen 1868 en 1875 en bestaat uit bomvrije kazernes, kruithuizen, manschappenverblijven, kazematten, flankbatterijen, groepsschuilkelders en een groot terreplein (oefen- en paradeplaats). Een unieke plek, die sporadisch opengesteld is voor bezoek.

De Stayokay Rhijnauwen heeft heerlijke horeca en is een prima plek voor een korte stop. Daarna gaat de wandeling verder over het Bunkerpad, door een weiland met, hoe kan het ook anders, een aantal bunkers. We gaan onder de A27 door.  Eind jaren ’70 vonden protesten plaats tegen de aanleg van de A27. In 1982 moest er een beslissing worden genomen door de Tweede Kamer voor de aanleg van de snelweg, die met een krappe meerderheid werd goedgekeurd. Fort Vechten ligt niet ver van de snelweg. Dit fort is wel toegankelijk en herbergt het waterliniemuseum. Wij lopen over de wallen en even later weer onder de A27 door en staan dan zo bij de parkeerplaats waar we de wandeling begonnen.
We eten bij de Veldkeuken, het restaurant dat gevestigd is in het koetshuis van Oud-Amelisweerd. Op de menukaart staat puur en lekker eten; 100 % biologisch en boordevol ingrediënten van de historische moestuinen op het landgoed.  Dat laatste spreekt mij als fervent moestuinder natuurlijk enorm aan.

Twee Trage tochten in de Achterhoek

Trage tochten; ik liep er onlangs een bij Beetsterzwaag en die beviel me goed.  In het kader van een weekendje Twente zoek ik er twee uit. Inmiddels heb ik ook een abonnement genomen op de Wandelzoekpagina en nu kan ik dus ook de routekaartjes uitprinten. Je weet immers nooit hoe het loopt onderweg. Voor wie er belang bij heeft, er is ook een app.

Met man en hond vertrek ik naar de Gelderse Achterhoek, die je mooie streken levert, als ik de radiocommercial mag geloven. De temperatuur laat vandaag niks te wensen over, maar het ziet er nogal triest uit, met al die wolken.
We lopen Trage Tocht Ruurlo. Een wandeling van 14 kilometer, die start bij het station. De route is grotendeels onverhard en zeer gevarieerd. Het begint met een kasteel en  dat is altijd goed. Kastelen spreken tot de verbeelding. Verder lopen we door het voorname bijbehorende kasteelbos om op een rustig asfaltweggetje te komen met prachtige Saksische boerderijen. We lopen langs weilanden, door boomsingels over grotendeels onverharde paden en wegen in een prachtig groen coulisselandschap. Er is altijd wel een pittoreske boerderij die in het oog springt.
Halverwege de tocht houden we halt bij pannenkoekboerderij De Heikamp, waar we mooi droog zitten tijdens het buitje dat nu toch valt. In een klap eten we alle calorieën die we er net afgelopen hebben er weer aan; onweerstaanbaar gebak hebben ze daar.
Al met al een prachtige wandeling in een heerlijk rustige omgeving. De routebeschrijving is ook nu prima in orde, alhoewel van de in de tekst genoemde houten slagbomen de meesten gesneuveld zijn. Een beetje geoefende routelezer heeft dat echter wel in de gaten.

Voor de gelegenheid hebben we een trekkershut in Silvolde gehuurd voor een nacht. Camping ’t Meyboske heeft een prachtige trekkershut, met toilet en een volledig ingerichte keuken. ’s Avonds eten we op het terras van restaurant Van der Eem in het vlakbij gelegen Terborg. Prima eten, goede bediening. Hoewel er wel een klein ongelukje is; in een klap liggen alle garnituren op de grond. Dat kan gebeuren. Ik weet niet hoe vaak men zich daarna nog verontschuldigd heeft.

Onze tweede wandeling, is de Trage Tocht Aaltense Goor van 15 kilometer lang, die begint bij de TOP achter restaurant De Radstake in Heelweg. Daar is overigens al vroeg een bak koffie te verkrijgen.
Het Aaltense Goor bestaat uit kleine percelen hooiland, omgeven door elzensingels en slootjes. Dit soort landschap zie je niet veel meer in Nederland sinds er verkaveld werd. We volgen de lange rechte paden tussen de weilanden door. Mensen komen we er vrijwel niet tegen, een enkele fietser, iemand met een hond.
Het overige deel van de route bestaat uit het volgen van de rechtgetrokken Boven Slinge en rustige asfaltweggetjes, terug naar De Radstake. Een mooie wandeling, maar net iets minder afwisselend dan de wandeling die wij de dag ervoor liepen.
Onze eindconclusie; de Achterhoek levert je inderdaad hele mooie streken!

Een trage tocht; Beetsterzwaag

Het is voor het eerst dat ik een Trage Tocht loop. Rob Wolfs is de maker van deze tochten. Wat direct opvalt: de beschrijving is uiterst gedetailleerd. Het is gewoon niet mogelijk om verkeerd te lopen. Een topografische kaart wordt aangeraden, maar ook zonder redden wij ons prima.
Met Loes en Marjolein schuiven we om 11.30 uur aan de koffie bij Prins Heerlijck. Dat is koffie op chique en trouwens heel Beetsterzwaag en omgeving hebben iets voornaams. Neem het Lycklamahuis, een statig landhuis uit 1825 of Teyens Fundatie uit 1858.

De weilanden zijn bedekt met een deken van lila pinksterbloemen. Het kerkje van Olterterp ligt middenin een sappig groen voorjaarslandschap. Door het beekdal van het Koningsdiep lopen we en even later trekken we lange lijnen door het Friese kamertjeslandschap. Op de Lippenhuisterheide heeft een jongen zijn scooter aan de kant gezet, omdat hij een ringslang heeft gezien. Hij twijfelt of hij over een slootje zal springen en doet het uiteindelijk toch maar niet. Via het Wallebos bereiken we Beetsterzwaag waar wij onszelf trakteren op oranjekoek. Het is immers bijna Koningsdag!

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑