Boswachterspad; Olde Smildeger

Staatsbosbeheer heeft wandelingen laten bedenken door boswachters die in de verschillende gebieden werkzaam zijn. Daar mag je wat van verwachten. Wie zou immers de mooiste paden en paadjes kennen? Ik denk dat de boswachter een heel eind komt.
En dus geven we het Boswachterspad Olde Smildeger een kans.

In Hoogersmilde, een dorp aan de Drentse Hoofdvaart, is de start van de 16 kilometerlange route.Via een verharde weg, bereik je hier al snel de bossen van het Drents-Friese Woud. Het is een echte boswandeling dit Boswachterspad. Een enkel ven en een paar stukjes heide zijn er ter afwisseling, maar verder is het vooral bos. Nu heb ik geen hekel aan bos, maar dit bos is niet zo interessant, een beetje saai. Kortom, we zijn lekker buiten, maar er zijn mooiere routes denkbaar dan deze. Maar laat je vooral niet ontmoedigen. Wat de een mooi vindt, vindt de ander niks en ik ben me ervan bewust dat ik een verwend mens ben als het gaat om bossen. Ik woon in het oude landschap rond Ruinen en Dwingeloo en ken de bossen rond het Dwingelderveld, Havelte en Uffelte als mijn broekzak.

Alle informatie over de wandeling vind je hier

  

Drentse Aa in januari en taart uit Barcelona

De weergoden zijn ons minder goed gezind vandaag. Het is grijs en miezerig. Koud is het niet. Ik loop mee met een wandeling van de Wandelsite. Ik ben vroeg, de waard van Café Popken Hollander doet de deur voor mij open. ‘Ik ben een beetje vroeg, zeg ik’. ‘Ik ben een beetje laat mompelt hij”. Langzamerhand druppelen de wandelaars, inclusief de organisator binnen. Na een kop koffie of thee laten we de gezellige warmte achter ons.
We passeren de Magnuskerk en stappen verder op de eindeloze zandpaden die dit gebied rijk is. Ook in grijstinten is het Drentse Aa gebied mooi.
Een horecastop is er in Oudemolen. De organisator trakteert op soep, maar omdat hij zijn pincode vergeten is, trakteren wij hem en delen de rekening. Eenmaal buiten schiet hem de pincode weer te binnen.
Ook de middag verloopt grijs. Een paar kilometer wordt van de geplande tocht afgesnoept, vanwege het weer. Rond de klok van vieren kunnen we aan de warme chocolademelk bij het café in Anloo, waar we vanmorgen de tocht begonnen. Troost vinden we in de goddelijke chocoladetaart die men hier serveert. Pallets vol met deze lekkernij arriveren regelmatig uit Barcelona. De mevrouw van het café, zegt dat de chocolade in Spanje veel puurder is dan in Nederland. Deze chocolade geeft de volle weldadige smaak aan de taart. Werd eerder een taart in 12 stukken gesneden, tegenwoordig is dat in 16 parten. Veel te machtig zo’n groot stuk. Het enige nadeel is dat zo’n smaller stuk taart gemakkelijk omvalt, dus het is een hele kunst de balans in de taartpunt te houden, aldus de mevrouw van het café. ‘Omgevallen lust ik het ook wel’, zeg ik en ‘trouwens van mij mag u ook wel gewoon weer in 12 punten snijden, desnoods neem ik het stukje dat overblijft mee in mijn broodtrommel’.

Groeten uit Eeserveen

Eeserveen, Eesveen? Voor je het weet rijd je de hele verkeerde kant uit. Eesveen, in Drenthe daar moesten we zijn. We wandelden er een rondje en kwamen weer van alles tegen.

 

Iran, bakermat van onze beschaving

Ik moet toegeven dat ik eigenlijk helemaal niks van Iran weet. Tijdens mijn bezoek aan de tentoonstelling ‘Iran, Bakermat van de beschaving’,  in het Drents Museum in Assen krijg ik gaandeweg in de gaten dat Iran een boeiend land is met een rijke geschiedenis. De Iraanse cultuur is een van de oudste culturen ter wereld. 200 kunstschatten zijn momenteel tentoongesteld in Assen. Ze zijn geleend van het National Museum in Teheran. De kunst, maar ook zeker de filmpjes van Iraniërs die in Nederland wonen, dragen bij aan een prachtig plaatje.

De sfeervolle tentoonstelling is nog tot en met 18 november 2018 te bezoeken.

 

Zwerven door de Koloniën van Weldadigheid

Ik ben vandaag op pad met mijn hondje. Dat is altijd een feest. Vandaag lopen we, tenminste ik loop en hij rent, de Trage Tocht Frederiksoord. Het is een wandeling van 13 kilometer. Vanuit het koloniedorp, met de prachtige gebouwen, loop ik door het Sterrebos, steek de doorgaande weg over en kom ik op onbekend terrein; het gebied tussen Frederiksoord en Wapse. Het is er uitgestorven. Verderop wacht een landschappelijke verrassing: het Nijensleekerveld. Over het veld lopen geen wandelpaden, dus loop ik langs de rand van het gebied. Het is net alsof je vanaf een afstandje het desolate Drenthe van honderden jaren terug aanschouwt.
Via Wilhelminaoord loop ik terug naar Frederiksoord, langs een weg waar men in de stijl van de Maatschappij van Weldadigheid, nieuwe vervenershuisjes heeft gebouwd. Je zou het aan de paupers van weleer moeten vragen, wat zij daar nou van vinden.
Door het Sterrebos bereik ik Frederiksoord. De hond is uitgerend.

Boswachterspad Oudemolen

Staatsbosbeheer heeft wandelingen laten bedenken door boswachters die in de verschillende gebieden werkzaam zijn. Daar mag je wat van verwachten. Wie zou immers de mooiste paden en paadjes kennen? Ik denk dat de boswachter een heel eind komt. Om dat uit te testen loop ik met mijn dochter het Boswachterspad van Oudemolen. De route is 7 kilometer lang en bewegwijzerd met houten palen met lichtblauwe koppen.
Het is een prachtige, geheel onverharde, wandeling door het fabuleuze stroomdal van de Drentsche Aa. Bos, heide en doorkijkjes naar het stroomdal waar ergens het Oudemolense Diep meandert. In hoeverre deze route afwijkt van de andere wandelingen die ik door het gebied liep, weet ik niet. Er zijn vele routes die het gebied doorkruisen, maar welke je ook kiest, het Drentsche Aa gebied is van ongekende klasse. Niet alleen de boswachter weet dat.

Meer info:  https://www.staatsbosbeheer.nl/boswachterspaden
Start van de route: Parkeerplaats Molensteeg in Oudemolen
Horeca: De Fazant, Oudemolen

Trage Tocht De Wijk

De omgeving van De Wijk ken ik vrij goed. Ik woon op steenworpafstand. Toch pak ik de routebeschrijving erbij. Soms ontdek je toch ineens een paadje dat je niet kende.

Om half 10 ga ik met de hond op pad in het ontwakende De Wijk. Spoedig loop ik langs de oevers van de grensrivier, De Reest. Superlatieven schieten te kort. Wat is het mooi hier vandaag. Het landschap lijkt alle warmte van de voorbije zomer te hebben opgezogen en explodeert in rood en geel. Ik kruip door een droge sloot, want het bruggetje en de witte hekken zoals genoemd in de routebeschrijving blijken te zijn verdwenen. “Nog geen twee weken geleden” vertrouwen buurtbewoners mij toe. “We zijn er niet blij mee, want je kon zo’n prachtig rondje met de hond doen.” “Ik heb het Drents landschap en Dorpsbelangen al aangeschreven” vertrouwt de man mij toe.
Even verderop ligt het landgoed Dickninge, met een monumentale havezate, gerestaureerd tuindershuis en een boerderij.  Ik loop naar het pittoreske tolhuis, dat momenteel wordt gerestaureerd om vervolgens via een onverharde weg en over een fietspad naar de Havixhorst te lopen. De Havixhorst is nog zo’n juweeltje. Deze havezate is vanaf de 17e eeuw tot 1939 bewoond door de adellijke familie De Vos van Steenwijk. Daarna heeft het vele wisselende, tijdelijke bestemmingen gehad. In 1979 is begonnen met de restauratie, waarna het in 1982 als Châteauhotel en -restaurant in gebruik is genomen. Inmiddels is De Havixhorst eigendom van Stichting Het Drentse Landschap. In de tuin zijn doorlopende beeldenexposities. Zeer de moeite waard.

Boost voor het Bargerveen

Het gebeurt niet vaak dat je met een georganiseerde wandeling (Wandelsite) mee gaat, waarbij slechts twee deelnemers en een organisator aanwezig zijn. En het gebeurt al helemaal niet vaak dat er meer mannen mee lopen dan vrouwen. Het Bargerveen lijkt voor velen niet voor de hand liggend om te bewandelen. Toch is het een heel bijzonder gebied; het laatste restant hoogveen van omvang in Nederland. Tot 1992 werd er veen afgegraven, daarna kwam het volledig in handen van Staatsbosbeheer dat al gedeelten in bezit had. De laatste jaren werd er veel geïnvesteerd in het gebied. Reden genoeg om er weer eens te gaan kijken.

In Weiteveen treffen wij elkaar en lopen naar het fonkelnieuwe restaurant, naast de fonkelnieuwe schaapskooi van Staatsbosbeheer. Bij Wollegras is nog niet officieel geopend, maar je kunt er al een lekker kopje koffie drinken, lunchen en op het dak genieten van het uitzicht. Op 27 september zal koning Willem-Alexander, in eigen persoon, naar Weiteveen komen om de schaapskooi officieel te openen. De ingebruikname van de schaapskooi is de afronding van jarenlange beschermings- en herstelwerkzaamheden in het natuurgebied. Tip voor Alex: begin met koffie bij Bij Wollegras.

Met organisator Ton en met Freek, die ik lang geleden vaak trof bij wandeldingen loop ik vandaag in een flink opgewarmd en opgedroogd Bargerveen. Waar je normaalgesproken tussen het water loopt, zijn de veenplassen volledig opgedroogd en het veenmos is zo dor dat het op verschillende plekken is losgekomen van de bodem. Ik heb er geen verstand van, maar het ziet er behoorlijk dramatisch uit. Het Bargerveen oogt desolater dan ooit.
We trekken lange lijnen door het landschap en maken een praatje met de schaapherder. Hij loopt van waterplas naar waterplas om zijn hond te laten drinken en afkoelen. Voor de schapen hoeft dat niet, die tanken zichzelf ’s morgens vol en redden het dan wel tot de avond; stelletje wandelende camelbags.
Het Huisje van Uneken, het laatste boerderijtje in het veen, is er helaas niet meer. De familie Uneken woonde hier tot 1966, toen alle andere bewoners al waren weggetrokken. Mei jl. ging het huisje in vlammen op. Dat nieuws had ik even gemist in mijn Dagblad Van Het Noorden.

Pauze is er bij theetuin d’ Aole Pastorie in Zwartemeer. Een mooie plek voor een stop. We zijn dan zo ongeveer halverwege de wandeling. Na de pauze begeven we ons in een soort niemandsland en komen we niet veel mensen tegen. Ronduit sprookjesachtig is het landschap her en der maar soms zijn de paden zo onafzienbaar lang, dat de moed me in de schoenen zakt en er niets anders op zit dan dat ik mijn verstand op nul en mijn blik op oneindig zet. Je bent er pas, als je er bent.

Ik heb met Freek een jaar of tien bijgepraat en de levenslust van Ton werkte aanstekelijk. Vandaag geen eindeloos gekwebbel of wachten op de achterblijvers. Gewoon gedrieën door de natuur. Hoe mooi kan het zijn.

 

Rondje met mijn hondje (4)

Mijn hond houdt van wandelen; misschien nog wel meer dan ik. En alle rondjes in de buurt tussen 4 en 10 kilometer kennen we al, maar toch vervelen ze nooit. Loop even mee.

Rondje: Rheebruggen, Uffelte
https://www.drentslandschap.nl/wp-content/uploads/2015/10/Rheebruggen.pdf

Startplek: in Uffelte de Tweede Uffelterbrug over. Neem na de brug over de Oude Vaart linksaf de Anserweg. Het startpunt ligt vóór Rheebruggen bij het informatiebord in de haakse bocht.

Lengte: 4 kilometer
Indruk: fijne cultuurhistorische wandeling over een landgoed met een rijke geschiedenis. Mijn favoriete wandeling in de buurt, in ieder jaargetijde.

Wie of wat kwam ik tegen: een eenzame wandelaar en een heleboel brandrode koeien onder leiding van een indrukwekkende brandrode stier.

 

Rondje met mijn hondje (3)

Mijn hond houdt van wandelen; misschien nog wel meer dan ik. En alle rondjes in de buurt tussen 4 en 10 kilometer kennen we al, maar toch vervelen ze nooit. Loop even mee.

Rondje: Koelevaartsveen, Dwingelderveld (blauwe route, SBB)

Startplek: Staatsbosbeheer Informatiecentrum Lhee,  Achter ’t Zaand 1, Dwingeloo of bij de parkeerplaats aan de Spierigerweg tussen Spier en Dwingeloo (let op: er zijn meerdere parkeerplaatsen langs deze weg.)

Lengte: 6,4 kilometer

Indruk: mooie wandeling, geschikt voor warme dagen. Veel bos, dus veel schaduw.

Wie of wat kwam ik tegen: een man met hond, een groepje wandelaars met Jack Russell, drie dames te paard, een rijtuig met koetsier en bijrijder, een wielrenner, twee fietsers die pauzeerden op een bankje en een stel verdekt opgestelde schapen.

Rondje met mijn hondje (2)

Mijn hond houdt van wandelen; misschien nog wel meer dan ik. En alle rondjes in de buurt tussen 4 en 10 kilometer kennen we al, maar toch vervelen ze nooit. Loop even mee.

Rondje: ’t Ende, Reestdal

Startplek: Informatiecentrum Drents Landschap, Boerderij ’t Ende aan de Stapelerweg

Lengte: Eigenlijk 6 kilometer; de wandeling bestaat uit 2 rondjes, waarvan een door het bos aan de overkant van de Stapelerweg. Mijn hondje durfde niet langs de koeien en wat we ook probeerden, hij ging er niet langs en de koeien waren ook niet van plan hem er langs te laten. Ik beperkte mij tot het rondje achter ’t Ende en dat is verreweg het mooist.

Indruk: mooie afwisselende wandeling door cultuurlandschap. Stukje bos, weiland en stroomdal.

Wie of wat kwam ik tegen: een kudde jonge koeien en een groepje wandelaars die aan de wandeling begonnen, toen ik al klaar was.

Rondje met mijn hondje (1)

Mijn hond houdt van wandelen; misschien nog wel meer dan ik. En alle rondjes in de buurt tussen 4 en 10 kilometer kennen we al, maar toch vervelen ze nooit. Loop even mee.

Route: IJsroute, Havelte (blauwe markering)

Startplek: Poort Holtingerveld, Van Helomaweg, Havelte

Lengte: 5 kilometer

Indruk: Fijn rondje, bos, heide, vergezichten, hunebedden en zandverstuiving

Wie of wat kwam ik tegen: de schaapherders met hun kudde, ouders met spelende kinderen bij het grote hunebed, een aantal wandelaars op afstand, een paar mensen die hun hond uitlieten, mensen die gebruik maakten van de parkeerplaats Poort Holtingerveld (fietsers, etc.)

Een mooie winterdag, de lente nog ver te zoeken

Gister liep ik dicht bij huis een wandeling vanaf het Bezoekerscentrum Dwingelderveld. Heerlijk om te kunnen lopen, zonder op de kaart te hoeven kijken. Met een 8-tal wandelaars, die zich opgegeven hadden via de Wandelsite, trotseerde ik de snijdende oostenwind en maakte een tocht van ruim 18 kilometer. Velen van ons werden die ochtend door het thuisfront voor gek verklaard. Maar zoals de Engelsen zeggen ‘ieder weer is wandelweer’ en mijn motto is “meestal valt het mee en als het niet meevalt, dan kom je er wel achter”.

De wandeling  ging via de Anserdennen naar de boorden van het Dwingelderveld, langs de vogelkijkhut, met een majestueus uitzicht op de Davidsplassen. Van vogels heb ik weinig verstand, maar een uitzicht weet ik op waarde te schatten. Ik had gedacht mijn medewandelaars daar ook wat beschutting te bieden, maar het bleek in de hut niet veel warmer dan erbuiten. Er zat niets anders op dan de pas er flink in te houden.
We gingen het bos weer in  om halverwege de tocht bij de Bospub  op te warmen bij de houtkachel. Met gloeiende wangen stapten we weer naar buiten. We doorkruisten een stukje bos en maakten een rondje om het beeldschone Smitsveen om vervolgens  richting schaapskooi te gaan. Dat was een beetje afzien, een lang recht stuk, zonder beschutting. In de schaapskooi was het leed snel geleden; hartverwarmend die enorme hoeveelheid dartele lammetjes. De nieuwe schaapskooi, de officiële opening moet nog plaatsvinden, is een echte aanwinst voor het Dwingelderveld, zoals ook de uitkijktoren bij de schaapskooi. Via het Kloosterveld keerden we terug naar het bezoekerscentrum en ging ieder weer zijns weegs, na een heerlijke winterse lentedag.

Onderweg in het Drentse land

rolde e.o 005Assen, daar ga ik vandaag van start. Ik loop met Loes en nog een aantal gezellige wandelaars die zich hebben aangemeld via de Wandelsite.  Het is lang geleden dat ik meeliep met een georganiseerde wandeling, maar ik heb er zin in en tijd voor; kortom het past me.
Het voordeel van Assen is dat je zo de natuur inloopt. Al keuvelend lopen we de stad uit en daar ligt de Drentse Aa in al haar glorie aan onze voeten.  Ik houd van de Drentse Aa. Het is een prachtig riviertje dat meer en meer in de ere wordt hersteld. Zij mag weer meanderen! En wij meanderen mee langs haar oevers.
Kampsheide is dan niet meer ver. Een luilekkerland voor archeologen is het daar met grafheuvels en overblijfselen van Celtic fields, beter: raatakkers (ze hebben namelijk helemaal niks te maken met de Kelten). Raatakkers zijn min of meer vierkante of rechthoekige aaneensluitende akkers die van de Late Bronstijd tot in de Romeinse tijd werden ingericht.
Het is dan nog maar een klein stukje naar Balloo en zijn schaapskooi, waar we ons over eerste lammetjes buigen. In Rolde lunchen we op een bankje bij de hunebedden en vervolgen onze tocht naar  Deurze. Het gebied rond Deurze is opnieuw ingericht en je kunt er vlak langs het Deurzerdiepje lopen. Omdat het zo nat is en het meer in het Deurzerdiepje lopen wordt, is het alternatief over het fietspad een betere optie. Na Deurze komt Assen weer in zicht. We lopen naar het centrum door de mooie Parkstraat en nemen buiten op het terras een afzakkertje.
Voor de foto’s verwijs ik naar onderstaande link. Klik hier voor de foto’s van Ton, die ook meeliep. Mijn eigen foto’s zijn op wonderbaarlijke wijze verdwenen.

 

Het goede der aarde in Wezuperbrug

Wandelen in je zomervakantie is heerlijk. Zeker met het weer van vandaag. Niet te koud, niet te warm. De ontvangst bij Inge, een van de wandelaars, en Cosmas is allerhartelijkst. Zij zijn tevens de eigenaren van de naast hun huis gelegen pluktuin. We beginnen met koffie en thee en huisgemaakte appeltaart in de tuin. Wat een fijn plekje!

Loes is de organisator van de wandeling door de bossen rond Wezuperbrug. Veel bos, heel veel bos, ligt daar. We verlaten het om een heen en weertje naar Wezup te maken, voor een stop op een terras in de zon; Hotel Hegen. In 2011 werd het hotel volledig door brand verwoest. Gelukkig is er op dezelfde plek weer een hotel verrezen.
We keren terug naar het bos, passeren een mooi heideveld en na 19 kilometer zijn we weerom. Cosmas heeft tijdens onze afwezigheid pruimen en walnoten op de tafel gezet, uit eigen tuin natuurlijk en er is cake, zelfgebakken cake.

We doen een rondje door de pluktuin, kijken naar de bijen en de braamstruiken. Juist vanmorgen stond een bericht in de krant dat het plukken van bramen verboden is en dat je er een flinke bekeuring voor kunt krijgen. Hier heeft men eigen braamstruiken. Niet dat we ons veel aantrekken dat plukverbod hoor.
Met een zak vol walnoten en een pot honing keer ik huiswaarts. Verguld met zoveel gastvrijheid!

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑