Boost voor het Bargerveen

Het gebeurt niet vaak dat je met een georganiseerde wandeling (Wandelsite) mee gaat, waarbij slechts twee deelnemers en een organisator aanwezig zijn. En het gebeurt al helemaal niet vaak dat er meer mannen mee lopen dan vrouwen. Het Bargerveen lijkt voor velen niet voor de hand liggend om te bewandelen. Toch is het een heel bijzonder gebied; het laatste restant hoogveen van omvang in Nederland. Tot 1992 werd er veen afgegraven, daarna kwam het volledig in handen van Staatsbosbeheer dat al gedeelten in bezit had. De laatste jaren werd er veel geïnvesteerd in het gebied. Reden genoeg om er weer eens te gaan kijken.

In Weiteveen treffen wij elkaar en lopen naar het fonkelnieuwe restaurant, naast de fonkelnieuwe schaapskooi van Staatsbosbeheer. Bij Wollegras is nog niet officieel geopend, maar je kunt er al een lekker kopje koffie drinken, lunchen en op het dak genieten van het uitzicht. Op 27 september zal koning Willem-Alexander, in eigen persoon, naar Weiteveen komen om de schaapskooi officieel te openen. De ingebruikname van de schaapskooi is de afronding van jarenlange beschermings- en herstelwerkzaamheden in het natuurgebied. Tip voor Alex: begin met koffie bij Bij Wollegras.

Met organisator Ton en met Freek, die ik lang geleden vaak trof bij wandeldingen loop ik vandaag in een flink opgewarmd en opgedroogd Bargerveen. Waar je normaalgesproken tussen het water loopt, zijn de veenplassen volledig opgedroogd en het veenmos is zo dor dat het op verschillende plekken is losgekomen van de bodem. Ik heb er geen verstand van, maar het ziet er behoorlijk dramatisch uit. Het Bargerveen oogt desolater dan ooit.
We trekken lange lijnen door het landschap en maken een praatje met de schaapherder. Hij loopt van waterplas naar waterplas om zijn hond te laten drinken en afkoelen. Voor de schapen hoeft dat niet, die tanken zichzelf ’s morgens vol en redden het dan wel tot de avond; stelletje wandelende camelbags.
Het Huisje van Uneken, het laatste boerderijtje in het veen, is er helaas niet meer. De familie Uneken woonde hier tot 1966, toen alle andere bewoners al waren weggetrokken. Mei jl. ging het huisje in vlammen op. Dat nieuws had ik even gemist in mijn Dagblad Van Het Noorden.

Pauze is er bij theetuin d’ Aole Pastorie in Zwartemeer. Een mooie plek voor een stop. We zijn dan zo ongeveer halverwege de wandeling. Na de pauze begeven we ons in een soort niemandsland en komen we niet veel mensen tegen. Ronduit sprookjesachtig is het landschap her en der maar soms zijn de paden zo onafzienbaar lang, dat de moed me in de schoenen zakt en er niets anders op zit dan dat ik mijn verstand op nul en mijn blik op oneindig zet. Je bent er pas, als je er bent.

Ik heb met Freek een jaar of tien bijgepraat en de levenslust van Ton werkte aanstekelijk. Vandaag geen eindeloos gekwebbel of wachten op de achterblijvers. Gewoon gedrieën door de natuur. Hoe mooi kan het zijn.

 

Reacties zijn gesloten.

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: