IJsselvallei

Deventer – Olst, een stukje Hanzestedenpad

Ik moet een boodschap doen in Deventer en als je er dan toch bent, waarom dan niet wat landschappelijk schoon meepikken? De weergoden zijn mij goed gezind, het is heerlijk wandelweer. Niet te warm, niet te koud en aan de hemel die typisch Hollandse stapelwolken.
Van Deventer zelf krijg ik nooit genoeg. Wat is dat toch een prachtige stad! Ik sjouw eerst een stuk langs de IJssel, over de kade en even verderop ga ik de uiterwaarden in. Hoe verder ik van Deventer af raak, hoe stiller het wordt. Uiteindelijk loop ik nog in mijn eentje door het hoge gras aan de boorden van de IJssel. Ik verlaat het water en ga landinwaarts richting hotel Gaia, gevestigd in havezate Nieuw-Rande. Ik help en passant nog een dame uit Hilversum uit de brand. De snelbinder van haar OV-fiets is tussen het wiel gekomen, of ik een schaar bij me heb. Mijn Zwitserse multitool, bevat een schaartje van niks, maar ook een vlijmscherp mesje. In no-time snijdt de mevrouw de snelbinder doormidden en is het probleem opgelost. Wie wat bewaart heeft wat.

Ik loop over een laan met aan weerszijden jonge beuken, die het zonlicht filteren.
Bij het Rustpunt aan het Randerpad, neem ik een koel drankje uit de koelkast. Uit een van de scheefgezakte deuren verschijnt een kromgegroeide man op leeftijd, in blauwe katoenen broek en  werkjas met eromheen een leren riem. We praten wat over het weer en waar mijn reis naartoe gaat. Hij wenst mij een goede wandeling en gaat de honden uitlaten. Een hond komt snel teruglopen als hij een autoportier hoort dichtklappen. Als ik weer op pad ga, tref ik de man op een bankje, de hond zit op de leuning. Hij eet een appeltje in een tempo en met zoveel aandacht, dat je er rustig van wordt. Het leven is simpel, als je het niet te ingewikkeld maakt. Een geluksgevoel overvalt me.

Mijn tocht gaat verder door stukjes bos, langs weilanden en langs Havezate de Haere, een deftig landhuis uit de 14e eeuw. Ik doorkruis de parkachtige tuin en bekijk de ruïne folly uit 1870.  Mijn tocht voert langs bunkers van de IJssellinie, die werd ontwikkeld om in het kader van de koude Oorlog het gevaar uit het Rode Oosten te kunnen keren. Nooit gebruikt overigens, die IJssellinie.
Landgoed Hoenlo is het laatste dat ik aandoe. Het prachtige landhuis is niet toegankelijk voor publiek. Het is nu nog een klein stukje naar het station in Olst, waar ik uiterst tevreden de trein richting Zwolle neem.  Naar mijn mening blijft het Salland een van de mooiste streken van Nederland om te bewandelen.

Reacties zijn gesloten.

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: